Over
alle bezienswaardigheden in Dourbes wordt wel
een legende of een anekdote verteld…
De geschiedenis van sire Roger, Heer van
Sautour, en Ghislaine de Haute-Roche, Gravin
van Dourbes.
Roger de Sautour keek rond
en zocht naar iemand die hem de weg kon wijzen.
Hij stond oog in oog met een landschap dat
hem vreemd was en voor zover zijn blik reikte
was er niets anders te zien dan zachte glooiingen,
waar hoogopgaand woud en kreupelbos slechts
gescheiden werden door wilde beekjes.
Plots verschijnt een mooie jonkvrouw op de
weg. Haar ogen zijn even helder als een azuurblauwe
hemel. Ook zij is verbaasd iemand tegen het
lijf te lopen, maar ze glimlacht.
-"Schone, zegt Roger - die niet meer
weet waar hij zich bevindt - ik denk dat ik…
Ik zou huiswaarts moeten keren. Waar ben ik?
Behoort het kasteel dat ik daarginds vermoed
toe aan vrienden van mijn vader"?
De jonkvrouw antwoordt alleen met zachte stem:
"Het behoort toe aan de Heer van Haute
Roche, ik ben zijn dochter".
-"En ik ben Roger, zoon van de Heer van
Sautour, kleinzoon van François Montaigle,
die een dodelijke haat voor je grootvader
koesterde. Mijn vader en jouw vader zijn vijanden"!
Maar wat hij in de ogen van de mooie jonkvrouw
las, was zeker geen haat, dat wist hij zeker.
Hij vernam ook dat haar naam Ghislaine was
en dat ze net zo min als hij wenste dat de
vete in stand zou blijven. Na een laatste
blik op de schone, vertrok hij spoorslags
in de richting van zijn kasteel.
De jonge gravin sloot zich in haar kamer op
en wendde zware hoofdpijn voor. Die nacht
kon ze de slaap niet vatten, het beeld van
Roger leek wel op haar netvlies gebrand. Ze
was verliefd en ze wist dat hij dat ook was.
Enige tijd later, toen Roger de drang om
Ghislaine terug te zien niet meer kon weerstaan,
vertrok hij op een avond op de rug van zijn
strijdros naar het kasteel van Haute-Roche.
Terwijl hij in stap de oevers van een beekje
verkende, onderscheidde hij een menselijke
gedaante met vreemd glinsterende ogen die
zich moeizaam uit het water hees. Het was
een vreemd uitgedoste kleine man met een baard.
Roger hielp hem uit zijn benarde situatie
en bedekte hem met zijn mantel.
De dwerg bedankte hem en zei: -"Je bent
een goede heer en ik wil je helpen om je kostbaarste
wens te verwezenlijken. Vertel me wat die
wens is! Ik ben Almarech; ik ben negenhonderd
jaar oud en ik weet heel wat want ik woon
in de berg".
Roger sprak met de dwerg die inderdaad veel
dingen wist. Vervolgens zegt de dwerg:
-"Kom, volg me". Bij het kasteel
aangekomen, vertelt hij Roger dat hij omhoog
moet klimmen langs de ladder die hij tegen
een van de torens heeft klaargezet. En dat
hij precies op tijd komt om te horen wat het
blonde kind aan de sterren te vertellen heeft.
Met een bonzend hart doet Roger wat hem gezegd
wordt. Toen hij de witte gestalte van een
jonge vrouw zag die met haar ellebogen niet
ver van hem verwijderd op de buitenmuur leunde,
leek zijn hart tot stilstand te komen. Wat
hij toen hoorde vervulde hem met uitzinnige
hoop. Ze hielden blijkbaar evenveel van elkaar.
Hij sprong over de kantelen en knielde voor
Ghislaine neer; ze verklaarden elkaar de liefde
en beslisten om hun vader te vertellen dat
ze met elkaar wilden trouwen.
De kasteelheer van Haute-Roche dacht daar
echter anders over en strafte zijn dochter
door haar op te sluiten in een diepe kerker
in de rots. De volgende avond vat de jonkheer
post onder het kasteel waar hij tevergeefs
op zijn geliefde wacht.
In het holst van de nacht duikt Almarech
op die hem vertelt wat Ghislaine overkomen
is. Roger had alle moed om zijn schone te
redden al opgegeven als de dwerg hem opdracht
geeft om een aantal mannen te verzamelen en
onmiddellijk terug te komen. Zo geschiedde.
Almarech wachtte Roger op en loodste de gewapende
mannen door de opening van een grot. Via eindeloze
gangen en trappen, kwamen ze uit op de binnenplaats
van het kasteel, Roger voorop. Op zijn teken
stortten de mannen zich op de schildwachten
en namen ze de verdedigers van Haute-Roche
gevangen. Alleen de graaf die in zijn slaap
was verrast en begreep dat zijn kasteel werd
overvallen, greep zijn wapens en verschool
zich boven in de slottoren. Roger trachtte
hem ervan te overtuigen dat hij het grootste
respect voor hem had. Maar het kon niet baten.
Uit woede en wanhoop stortte de graaf zich
in de diepte.
Roger bevrijdde Ghislaine, de jongelui konden
trouwen en leefden nog lang en gelukkig.
Het kasteel van Dourbes werd met de grond
gelijk gemaakt om Almarech en de dwergen te
plezieren. Zij eisten dat het kasteel werd
vernietigd in ruil voor hun bewezen diensten.
Bovendien kregen de dwergen dat jaar grote
karren graan in overvloed, alsof de verdwijning
van de Heer van Haute-Roche en zijn kasteel
een voorspoedige toekomst inluidde.
|